Voorkómen van voedselverspilling

Voedselverspilling is zonde. Het is een grote uitdaging om jou en al die andere miljarden bewoners van onze aarde van genoeg voedsel te voorzien. Daarom moeten we onszelf de opdracht geven om de beschikbare landbouwgrond op een duurzame wijze te benutten. Als we dan voedsel geproduceerd hebben, moeten we er ook zuinig mee omgaan. En niets verspillen.

In de westerse wereld lijken we een beetje te zijn vergeten dat het varken kan bijdragen aan het voorkómen van voedselverspilling. Maar dat zijn we bij Vallei Varken niet. Het voer voor onze dieren bestaat voor minimaal de helft uit hoogwaardige voedingsstoffen uit afval. Dat afval hoeft dus niet te worden verbrand. Of in de vuilnisbak te verdwijnen. Nee, het is prima varkensvoer en onze Vallei Varkens eten er lekker van. Op die manier zorgt Vallei Varken ervoor dat een waardeloos product wordt omgezet in een smakelijk stukje varkensvlees. De restproducten die we in het voer gebruiken, bevatten onder andere broodmeel dat bij Boni Supermarkten overblijft bij de broodsnijmachines.

Etensresten

Varkens waren vroeger altijd het vuilnisvat van een boerenhuishouden. Aardappelschillen, broodmeel, groenteresten of de inhoud van het bordje dat Jantje niet meer lustte, het werd allemaal voor het varken gegooid. Het varken is een echte omnivoor, die lust alles. En die zorgde er toen al voor dat al dat afval werd omgezet in een lekker stukje varkensvlees. Een varken past dus prima in een duurzame samenleving.

Voedingsindustrie

Ook bijvoorbeeld restanten van de productie van koolzaadolie, het raapschroot, gebruiken we in het voer voor onze varkens. Net als de aardappelstukjes die overblijven bij de productie van die bekende identieke chipjes in een ronde kartonnen bus. Omdat geen enkele aardappel die vorm heeft, moet er bij de productie van die chips heel wat weggesneden worden. Dan is het toch mooi dat het geen doelloos afvalproduct wordt, maar dat onze Vallei Varkens dat omzetten in een lekker en duurzaam stukje varkensvlees.

Duurzaam

Ook het aanvullende voer, nodig voor de eiwitten, is gekozen met het oog op duurzaamheid. Het zijn producten als graan en veldbonen die allemaal in onze regio geteeld worden. Het komt niet uit Brazilië of welk tropisch land dan ook. Er wordt absoluut geen tropisch regenwoud gekapt voor ons varkensvoer.

Vallei Varkens krijgen dus heel duurzaam geproduceerd voer. En daardoor is ons varkensvlees ook heel duurzaam. Agrifirm, de boerencoöperatie die dit unieke voer voor Vallei Varkens maakt, geeft er dan ook de naam ‘groen voer’ aan. Niet vanwege de kleur, maar vanwege de duurzaamheid.